De laatste dag is aangebroken

De laatste dag in Suriname is aangebroken…

Moe, maar vooral heel voldaan, keer ik straks weer terug naar huis. Als ik terugkijk op deze bijzondere dagen, overheerst vooral één gevoel: dankbaarheid.

Suriname heeft een stukje van mijn hart gestolen. Een prachtig land, maar vooral bijzondere, warme mensen. Ik heb nieuwe vriendschappen mogen sluiten, mooie mensen leren kennen en relaties opgebouwd waarvan ik geloof dat ze niet bij deze reis zullen eindigen. Ik hoop dan ook dat het niet lang zal duren voordat ik hier weer terug mag komen.

Ook de laatste dagen waren nog behoorlijk vol. Samenkomsten, spreekbeurten, gesprekken en allerlei activiteiten. Eén van de bijzondere momenten was een speciale dag voor de vrouwen rondom dichter bij Gods hart.

Ik mocht de vrouwen mijn boekje De Tuin van je Hart aanbieden en hen daarna meenemen in een sessie waarin ze als het ware samen met Jezus door de tuin van hun eigen hart wandelden. En wat gebeurde er veel…

Er werd vergeving gevraagd. Mensen en situaties die soms al lange tijd werden meegedragen, werden losgelaten. Pijn en verdriet mochten bij Jezus worden gebracht. Er vloeiden veel tranen, maar juist door die tranen heen zag je iets veranderen.

Wat mij raakte, was het verschil dat je daarna op de gezichten kon zien. Er was zichtbaar herstel. Alsof er ruimte was gekomen waar eerst pijn zat. Samen met Jezus hadden deze vrouwen door de tuin van hun hart gewandeld en mochten ze dingen achterlaten die ze niet langer hoefden mee te dragen.

Voor mijn vertrek naar Suriname had ik één woord sterk van God ontvangen:

DOORBRAAK.

Ik wist toen nog niet precies hoe dat woord tijdens deze reis zichtbaar zou worden. Maar nu ik terugkijk, zie ik het eigenlijk overal. In bijna iedere plaats waar ik kwam, was er op de één of andere manier sprake van doorbraak. Doorbraak in persoonlijke levens. Doorbraak in harten. Doorbraak door vergeving en herstel. Doorbraak bij mannen die werden uitgedaagd hun positie in te nemen. Doorbraak bij jongeren die werden geactiveerd om voor Jezus te gaan. Doorbraak in de gevangenis, waar zelfs mannen tot tranen toe geraakt werden. Doorbraak in gemeenten. En doorbraak in gesprekken met leiders, waardoor nieuwe deuren voor de toekomst zijn opengegaan.

Soms was die doorbraak heel zichtbaar en soms gebeurde er iets diep vanbinnen. Maar steeds opnieuw mocht ik zien: God was al bezig voordat ik ergens aankwam.

Ik hoefde niet zelf deuren open te breken. Ik mocht volgen waar Hij mij leidde, spreken wat Hij op mijn hart legde en bidden voor de mensen die Hij op mijn pad bracht. En juist dat maakt het woord dat ik vóór deze reis ontving voor mij nu nog kostbaarder:

De HEERE is mijn Doorbreker. Hij gaat vóór mij uit en Hij baant voor mij de weg. Micha 2:13

Nu is het tijd om naar huis te gaan. Moe? Zeker. Maar mijn hart is vol. Vol verhalen. Vol gezichten van mensen die ik niet snel zal vergeten. Vol nieuwe vriendschappen.

Vol dankbaarheid voor alles wat God heeft gedaan. En vol verwachting voor wat hieruit nog zal voortkomen. Ik laat een stukje van mijn hart achter in Suriname en neem tegelijkertijd heel veel mee naar huis.

Dank U, Heer, voor iedere ontmoeting, iedere open deur, iedere traan, ieder gebed en iedere doorbraak.

En Suriname… 🇸🇷

hopelijk tot snel!